Veelgestelde vragen


  • Waarom is per 1 januari 2015 een nieuwe pensioenregeling noodzakelijk?

    Om een aantal redenen is de introductie van een nieuwe pensioenregeling nodig:

    • De huidige pensioenregeling voldoet niet aan de fiscale regelgeving die vanaf 1 januari 2015 geldt;
    • Bovendien is uit onderzoek van BPOA gebleken dat er vanuit de beroepsgroep behoefte is aan een nieuwe regeling. Daaraan willen we graag tegemoet komen;
    • In algemene zin kunnen we ook zeggen dat de huidige regeling niet meer voldoet aan de eisen van deze tijd. Niks doen is daarmee geen optie. 
  • Hoe komt BPOA tot een nieuwe regeling?

    • Om de richting te bepalen en de contouren van een nieuwe regeling vast te stellen, is in het afgelopen jaar veel gesproken met KNMP en belangenorganisaties in de branche. Organisaties die loondienst- en zelfstandige apothekers vertegenwoordigen;
    • BPOA vindt het erg belangrijk de meningen van haar leden over de pensioenregeling te betrekken bij de ontwikkeling van een nieuwe regeling. Daarom is in het voorjaar van 2014 een onderzoek gehouden onder de leden van BPOA. De uitkomst is meegenomen bij de ontwikkeling van de nieuwe regeling.
  • Hoe ver is BPOA met de ontwikkeling van de nieuwe regeling?

    Op basis van de gesprekken met belangenorganisaties en de uitkomst van het onderzoek zijn inmiddels de contouren van de nieuwe regeling bepaald.

  • In hoeverre kunnen de leden van BPOA hun mening geven over het voorstel voor de nieuwe regeling?

    Alle leden worden in de gelegenheid gesteld om tijdens de Algemene Ledenvergadering van 14 oktober 2014 hun stem uit te brengen t.a.v. de voorgestelde nieuwe pensioenregeling. Als een meerderheid vóór stemt, dan wordt deze regeling verder uitgewerkt door SPOA. De regeling kan dan per 1 januari 2015 worden geïntroduceerd voor de pensioenopbouw vanaf dat moment.

  • Hoe gaat de nieuwe regeling er naar verwachting uitzien?

    • Gekozen is voor een regeling op basis van het verdiende inkomen, maar dan wel met een van tevoren afgesproken premieniveau. Dit wil zeggen dat elk jaar een deel van het ouderdomspensioen wordt opgebouwd. Deze jaarlijkse opbouw bedraagt 1,3% over de pensioengrondslag. De pensioengrondslag is het pensioengevend inkomen in enig jaar verminderd met de AOW-franchise. De franchise bedraagt in 2015 € 12.642,--. Het uiteindelijke pensioen is de som van deze jaarlijkse opbouw.
    • Jaarlijks vindt een verhoging van het pensioen plaats van 1,5%.
    • Voor de pensioenpremie geldt een doorsneepremie van circa 22,7% van de pensioengrondslag. Iedereen betaalt daarmee een gelijk percentage aan premie.
    • U kunt in de huidige regeling over maximaal € 75.000,-- per jaar pensioen opbouwen.
  • Gaat de pensioenleeftijd verschuiven naar 67 jaar?

    Ja, zoals de pensioenwetgeving vereist, verschuift de pensioenleeftijd van 65 naar 67 jaar. Het blijft overigens wel mogelijk om eerder met pensioen te gaan. Voor degenen die al bijna 65 jaar zijn heeft dit weinig effect op het pensioen; het pensioen is vrijwel al geheel opgebouwd.

  • Wat wordt er naast het ouderdomspensioen geregeld?

    • Waar het partner- en wezenpensioen nu nog optioneel kan worden meeverzekerd, is dit in de nieuwe regeling standaard opgenomen;
    • Ook is geregeld dat bij arbeidsongeschiktheid pensioen wordt opgebouwd, net als nu. Het pensioenfonds neemt dan de premiebetaling over.
  • Wat betekent de regeling concreet voor mijn pensioenpremie en te bereiken pensioen?

    • Hoe de regeling uitpakt voor u persoonlijk is afhankelijk van uw inkomen.
    • Ten opzichte van de huidige pensioenregeling gaat vrijwel iedereen in de nieuwe regeling per jaar meer pensioen opbouwen. Voor vrijwel iedereen geldt wel dat de pensioenpremie stijgt. Die stijging loopt op naarmate het inkomen toeneemt. Dat is ook nodig om de hoogte van de pensioenen op een passend niveau te krijgen (bij 40 dienstjaren circa 75% van het gemiddelde salaris aan pensioen). De premie is overigens fiscaal aftrekbaar.
  • Zijn er rekenvoorbeelden beschikbaar zodat ik beter de consequenties van de nieuwe regeling kan beoordelen?

    Tijdens de ledenvergadering van 14 oktober 2014 worden rekenvoorbeelden gepresenteerd. Die worden zo snel mogelijk na de bijeenkomst op de website geplaatst.

  • Heeft de nieuwe regeling ook consequenties voor mijn al opgebouwde pensioen?

    Nee, de nieuwe regeling gaat alleen gelden voor het pensioen dat u vanaf 1 januari 2015 opbouwt. Uw pensioenopbouw vanaf dat moment wordt opgeteld bij uw pensioenopbouw tot en met 31 december 2014.

  • Hoe wordt omgegaan met de huidige vaste indexatie van het pensioen met 3%?

    Voor het pensioen tot en met 31 december 2014 vindt een omzetting plaats naar pensioen in de nieuwe regeling. In de nieuwe hoogte van het pensioen wordt de vaste indexatie van 3% uit de vorige regeling meegenomen.

  • Is deelname aan de nieuwe pensioenregeling verplicht?

    Ja, er geldt een verplichte regeling voor alle openbare apothekers, zowel loondienst- als zelfstandige apothekers. Een verplichte regeling brengt veel voordelen met zich mee. Zo kunnen door de grotere draagkracht door meer deelnemers risico’s beter worden gespreid en kosten laag worden gehouden.

  • Tot op heden was ons pensioen op basis van een beschikbare premieregeling. Nu zijn er plannen om een nieuwe pensioenregeling in te voeren. Blijft het opgebouwde pensioen uit de huidige regeling apart of wordt het omgevormd naar de nieuwe regeling?

    In de huidige premieregeling wordt met de premie meteen een pensioenaanspraak ingekocht. Deze verworven pensioenaanspraken blijven van kracht. Indien omvorming met behoud van waarde nodig is, bijvoorbeeld door het hanteren van een andere richtpensioenleeftijd in de nieuwe regeling, dan wordt u hierover geïnformeerd.

  • Wordt de nieuwe pensioenregeling voor apothekers een verplicht pensioen of kan ik als apotheker in loondienst ook een pensioenregeling aangaan bij bijvoorbeeld Pensioenfonds Medewerkers Apotheken?

    Besluitvorming hierover is nog niet afgerond. Zoals de stand van zaken nu is verwachten wij dat de verplichte pensioenregeling voor alle openbare apothekers in 2015 bij SPOA blijft ondergebracht. Zo is dit ook op de algemene ledenvergadering van BPOA van 3 juli 2014 gecommuniceerd. De presentatie die daar is gehouden heeft BPOA op haar website geplaatst.

  • Wat zijn voor mij de voor- en nadelen om lid te zijn? Wat zijn de verschillen als ik geen lid meer ben? Wat betekent dat voor mijn verhouding met SPOA? Wordt het (op termijn) mogelijk om individueel over te stappen?

    BPOA ontleent haar bestaansrecht aan voldoende leden. Vandaar dat het van belang is dat zij kan aantonen dat zij over voldoende leden beschikt en daardoor haar werk kan voortzetten om te komen tot een passende pensioenregeling voor openbare apothekers. Individueel overstappen is alleen mogelijk als u zelf gaat deelnemen bij een ander pensioenfonds.

  • Hoe werkt de uitbetaling van uw pensioen

    Uw pensioenuitkering zal iedere maand omstreeks de 23e van de maand aan u worden overgemaakt. U zult eenmalig een betalingsspecificatie ontvangen waarop naast het bruto ouderdomspensioen ook de eventuele inhoudingen en het aan u uit te keren netto bedrag staan vermeld. Een dergelijke specificatie ontvangt u in de toekomst alleen wanneer er een wijziging optreedt in de hoogte van uw pensioenuitkering of in de daarop in te houden bedragen.

  • Wat doet BPOA?

    De BPOA bepaalt de inhoud van de pensioenregeling voor alle openbare apothekers. Zo bepaalt BPOA bijvoorbeeld de hoogte van de premie en de afspraken over indexatie. BPOA heeft de uitvoering van de pensioenregeling uitbesteed aan SPOA. Het BPOA-bestuur draagt de bestuursleden van SPOA voor.

  • Hoeveel % openbare apothekers neemt deel aan pensioenregeling?

    Onderzoek door CBS naar werknemers zonder pensioenregeling in Nederland

    Het CBS doet regelmatig onderzoek naar de zogenaamde witte vlekken op pensioengebied in Nederland. Een witte vlek is een categorie werknemers die geen pensioen opbouwt. In 2016 heeft CBS weer een onderzoek naar witte vlekken afgerond, gebaseerd op 2013. In Tabel 1 van het rapport is te zien dat 96% van alle werknemers van 25 tot 64 jaar met een salaris van meer dan het wettelijk minimum loon in de 2e pijler pensioen opbouwt bij een pensioenfonds of pensioenverzekeraar. Het CBS constateert dat de witte vlek kleiner is geworden ten opzichte van 2010, het jaar waarover de vorige keer dit onderzoek is verricht. Voor openbare apothekers geldt dat zij behoren tot de 94% die wel deelnemen aan een pensioenregeling.

    Hieronder vindt u het rapport van CBS.

    CBS_onderzoek-witte-vlekken-op-pensioengebied_2016.pdf

  • Waarom een collectieve pensioenregeling voor de Openbare Apothekers?

    Net als veel andere beroepsgroepen en bedrijfstakken heeft de beroepsgroep openbare apothekers zijn eigen kenmerken en wensen als het gaat om financiële planning. Een pensioenregeling voor openbare apothekers kan zo worden ingericht, dat zij optimaal voldoet aan die kenmerken en wensen. Daarnaast kent een collectieve pensioenregeling de beste verhouding tussen risico, rendement en kosten. Collectief verzekeren is namelijk goedkoper dan een individuele lijfrentepolis bij een verzekeraar. De uitvoeringskosten zijn lager en de risico’s zijn beter te spreiden. Daardoor levert beleggen in een collectieve regeling gemiddeld een betere risico-rendement verhouding op dan zelf beleggen. Bovendien vraagt individueel sparen voor later veel discipline. U kunt er altijd voor kiezen om naast uw pensioen bij SPOA een extra individuele voorziening voor uw oude dag te treffen.

  • Waarom een verplicht gestelde pensioenregeling?

    Net als voor andere medische beroepsbeoefenaren geldt al lange tijd voor openbare apothekers een verplicht gestelde pensioenregeling. Door de verplichtstelling wordt voorkomen dat beroepsgenoten geen, of onvoldoende, pensioen opbouwen. De voordelen van het collectief verzekeren van pensioen en het delen van de risico’s kunnen alleen worden bereikt als de gehele groep van beroepsgenoten aan de pensioenregeling deelneemt.

    Alle verplicht gestelde beroepspensioenregelingen in Nederland dienen periodiek aan het ministerie van Sociale Zaken aan te tonen dat voldoende beroepsgenoten lid zijn van de beroepspensioenvereniging. Het ministerie stuurt daarvoor aan de beroepspensioenvereniging een brief met daarin het verzoek om de representativiteitstoets uit te voeren en binnen 2,5 maand te reageren. Een beroepspensioenvereniging houdt zelf bij welke beroepsgenoten zich expliciet als lid van de beroepspensioenvereniging hebben afgemeld. Dit aantal wordt afgezet tegen het totaal aantal beroepsgenoten. Het resultaat is een aan het ministerie op te geven verhoudingspercentage. Deze wijze van bepalen van het verhoudingspercentage wordt wettelijk voorgeschreven en in de brief van het ministerie genoemd. Het is niet toegestaan om representativiteit aan te tonen door dit in een ledenvergadering aan de orde te stellen. BPOA heeft in samenwerking met SPOA conform bovenstaande gehandeld. Zie hiervoor onderstaande correspondentie:

    20151210_Brief_staatssecretaris_Klijnsma_aan_2e_K_inzake_representativiteit_beroepspensioenfondsen1465301869.pdf

    20160321_Brief_Min_SZW_aan_BPOA_inzake_periodieke_representativiteitstoets.pdf

  • Wat houdt de Wet verplichte beroepspensioenregeling in?

    Sinds 1 januari 2006 geldt de Wet verplichte beroepspensioenregeling. Volgens deze wet mag alleen een beroepspensioenvereniging een verplichte pensioenregeling aanbieden aan een groep van beroepsgenoten. Daarom is in 2007 de Beroepspensioenvereniging Openbare Apothekers opgericht. Volgens de wet moet er voldoende draagvlak voor de verplichtstelling zijn. Tenminste 60% van de apothekers werkzaam in de openbare farmacie dient daarvoor lid te zijn van de beroepspensioenvereniging.

  • “Jong” samen met “oud”, hoe zit dit?

    BPOA mijdt nadrukkelijk terminologie als “jong versus oud”, omdat deelnemers van alle leeftijden samen deelnemen aan de pensioenregeling. Er wordt rekening gehouden met de belangen van alle deelnemersgroepen.

    BPOA licht twee situaties van deelnemersgroepen eruit waar in het kader van “jong” samen met “oud” onderscheid in gemaakt moet worden:

    1.“Jonge” actief pensioen opbouwende deelnemers en “oude” actief pensioen opbouwende deelnemers.

    In de pensioenregeling die voor de openbare apothekers van toepassing is, betalen alle actief pensioen opbouwende deelnemers dezelfde procentuele premie, de zgn. doorsneepremie. Wanneer alle deelnemers met deze premie, in het jaar van opbouw, hetzelfde pensioen zouden opbouwen, zou de jonge deelnemer minder pensioen opbouwen dan hij/zij met de premie financiert. Voor de oudere deelnemer is dit juist andersom; hij/zij bouwt juist meer op dan hij/zij met de premie financiert. De jongere subsidieert dus gedeeltelijk de oudere deelnemer. Om dit effect af te vlakken kent de regeling voor de openbare apothekers een opbouw die procentueel lager wordt naarmate de deelnemer ouder wordt. De jongere deelnemer verwerft dus met dezelfde premie meer pensioen dan de oudere deelnemer. Dat is een eerlijk systeem, waarbij de scherpe kanten van de solidariteit van jong naar oud uit de pensioenregeling is gehaald.

    2.Actief pensioen opbouwende deelnemers en pensioengerechtigden

    Bij een tekort aan pensioenopbouw

    De actieve deelnemers betalen een premie die wordt gebruikt om de pensioenopbouw mee te financieren. Als de betaalde premie niet toereikend is om de pensioenopbouw te financieren, zou uit de algemene reserve van het pensioenfonds geld onttrokken moeten worden om daarmee het tekort van pensioenopbouw aan te vullen. Dit betekent dat de kans op indexatie voor alle deelnemers (dus ook de pensioengerechtigden) kleiner wordt.
    Bij een overschot aan pensioenopbouw

    Als er juist meer premie wordt betaald dan nodig is voor de financiering van de pensioenopbouw, dan wordt het overschot toegevoegd aan de algemene reserve. Daarmee wordt de kans op indexatie juist groter.

    Jaarlijkse toetsing

    Jaarlijks wordt getoetst hoe de verhouding is tussen de premie en de pensioenopbouw. Indien de premie tekort schiet en de verwachting is dat dit niet snel herstelt, dan wordt de te financieren pensioenopbouw verlaagd. Dit mechanisme is opgenomen in de pensioenregeling voor de openbare apothekers. Dit is juist gedaan om te voorkomen dat de kans op indexatie kleiner wordt, of (erger nog) de kans op korten van pensioenen groter wordt. Hiermee wordt voorkomen dat pensioengerechtigden door onttrekkingen uit de algemene reserve indirect de pensioenopbouw van actieve deelnemers gedeeltelijk financieren.

    De onder 1 en 2 beschreven onderdelen zijn in de pensioenregeling opgenomen, omdat BPOA ernaar streeft dat alle deelnemersgroepen op evenwichtige wijze worden behandeld.

  • Wat betekent dat, degressieve opbouw?

    De regeling voor de openbare apothekers kent een zogenaamde degressieve, of dalende, pensioenopbouw. 

    Dit komt door de vaste stijging van 1,5% op de jaarlijkse pensioenopbouw. Dit levert voor jongere apothekers een hogere opbouw op doordat ze langer profiteren van de stijging als ze jong zijn.

    In bijgaande grafiek ziet u de vergelijking van de regeling met degressieve opbouw en gelijkblijvende opbouw.

Heeft u vragen over uw pensioen?


Ik help u graag! Vul het ondestaande formulier in, dan beantwoord ik uw vraag zo snel mogelijk.

Financiële situatie SPOA


Onze financiële situatie